Keuze van het ventilatiesysteem

Verschillende soorten systemen

Er bestaan verschillende soorten systemen voor hygiënische ventilatie :

  • Systeem A – Natuurlijke ventilatie
  • Systeem B – Mechanische ventilatie met enkele stroom door mechanische pulsie
  • Systeem C – Mechanische ventilatie met enkele stroom door mechanische extractie
  • Systeem D – Dubbelstroomventilatie
  • Hybride systeem

De keuze van het ventilatiesysteem met het oog op het comfort houdt rekening met de volgende aspecten:

  • De luchtkwaliteit:
    • Performance van het systeem
    • Behoud van die performance in functie van de verwachte kwaliteit van het onderhoud, afhankelijk van onder meer het type programma en het type gebruiker
  • Het hygrothermisch comfort
    • De temperatuur van de verse lucht die het vertrek binnenkomt
    • De beheersing van de luchtvochtigheid
  • Het geluidscomfort.

Daarnaast spelen ook de criteria inzake de benodigde ruimte en de energie-efficiëntie een rol bij de systeemkeuze:

  • De mogelijkheid om de warmte uit de afgevoerde lucht terug te winnen,
  • De mogelijkheid om het ventilatiedebiet aan de behoeften aan te passen,
  • Het energieverbruik van de ventilatoren.

> Dossier Een energie-efficiënt ventilatiesysteem ontwerpen

De luchtkwaliteit

De systemen B en D maken een filtratie van verse lucht mogelijk voordat die de woonvertrekken binnenkomt. Ze zorgen dus voor een betere luchtkwaliteit dan systeem A of C. Roosters in de gevel bieden slechts een zeer grove, veel minder effectieve filtratie (insecten worden buiten de deur gehouden).

De systeem B wordt in de praktijk weinig gebruikt. Het heeft de voordelen van systeem D in termen van comfort (luchtkwaliteit, temperatuur van de binnenkomende lucht) zonder de energiebesparing die het warmteterugwinningsaspect van systeem D mogelijk maakt.

Het ventilatiesysteem zelf kan een bron van vervuiling zijn als het slecht onderhouden is: de ventilatieopeningen en de luchtinvoerpunten moeten regelmatig worden gereinigd. Bij systeem van het type D met filters moeten die eveneens regelmatig worden gereinigd en vervangen.

De aanwezigheid van filters maakt systeem D gevoeliger voor slecht onderhoud: lucht die door vuile filters gaat, kan vervuilder zijn dan ongefilterde buitenlucht.

Bij programma's voor woningen met wisselvallig onderhoud door de bewoners zelf wordt dus gekozen voor :

  • een gecentraliseerd ventilatiesysteem met onderhoud door een onderhoudsbedrijf

  • of een systeem van het type A of C.

Hygrothermisch comfort

De temperatuur van de verse lucht die het vertrek binnenkomt

Een systeem van het type A of C laat de verse lucht rechtstreeks de ruimte binnen. In de winter kan die koude lucht onaangenaam aanvoelen.

Met een systeem van het type D zorgt het warmteterugwinningssysteem en/of de verwarmingsbatterij voor binnenkomende lucht met een hogere temperatuur dan de buitentemperatuur.

Systeem D geniet dus de voorkeur; is dit niet mogelijk, dan moet bij een systeem van het type A of C goed worden nagedacht over de locatie van de natuurlijke ventilatieopeningen.

Beheersing van de luchtvochtigheid

Systeem D maakt behandeling van de verse lucht mogelijk voordat die de vertrekken binnenkomt. De lucht kan dus naar behoefte worden bevochtigd of ontvochtigd.

Bij een systeem van het type A of C moet gebruik worden gemaakt van lokale systemen om de lucht indien gewenst te bevochtigen: planten, waterreservoirs die aan de radiatoren worden gehangen, autonome dampbevochtigers, ….

Geluidscomfort

De natuurlijke ventilatieopeningen van systemen van het type A en C vormen zwakke plekken in de bouwmantel voor wat de bescherming tegen geluid van buiten betreft.

De keuze voor een systeem van het type D maakt het mogelijk deze bron van geluidsoverlast te vermijden, mits het systeem goed is ontworpen (afmetingen van de leidingen, type ventilators, gebruik van geluiddempers…) en dus zelf geen geluidsoverlast veroorzaakt (geluid van de ventilators en van de lucht in de leidingen).

Natuurlijke ventilatieopeningen kunnen ook worden voorzien van een systeem dat de geluidsoverdracht van buiten naar binnen beperkt: de lucht gaat dan door tussenelementen met absorberend materiaal. Deze roosters nemen meer ruimte in dan klassieke roosters. Ze beperken het lawaai, maar nemen het niet volledig weg.

Geluidsisolerende roosters

© Architecture et Climat - LOCI – UCL