Voorschriften en normen

Voorschriften

Wet van 1962 houdende organisatie van de ruimtelijke ordening en van de stedenbouw

Voor de realisatie van een groendak is een stedenbouwkundige vergunning vereist.

Gewestelijke Stedenbouwkundige Verordening (GSV)

Een Gewestelijke Stedenbouwkundige Verordening (GSV), op 21 november 2006 goedgekeurd door de Brusselse regering, bepaalt dat niet-toegankelijke platte daken van meer dan 100 m² die onderworpen zijn aan een stedenbouwkundige vergunning als groendaken moeten worden ingericht. Dit geldt voor elk dak dat volledig of gedeeltelijk ontoegankelijk is en voor hoofd- en bijgebouwen.

BRBHG van 21 november 2006 – GSV – Titel I HOOFDSTUK IV – NAASTE OMGEVING, artikel 11, 13 en 16

Gemeentelijke verordeningen: GemSV, BBP…

Sommige gemeenten hanteren een beleid ter bevordering van groendaken: ze doen aanbevelingen of stellen eisen bij de toekenning van een stedenbouwkundige vergunning of voegen supplementen toe aan de gewestelijke premie.

Sommige gemeenten stellen een groendak verplicht in het kader van de stedenbouwkundige vergunningen indien sprake is van een plat dak van minder dan 100 m².

Link naar de GemSV van de gemeenten binnen het Brussels Hoofdstedelijk Gewest

Aanbevelingen inzake de brandveiligheid

In België vereist het koninklijk besluit (KB 19/12/97 en 04/04/2003) tot vaststelling van de basisnormen voor de preventie van brand dat de afdekkingsmaterialen van platte daken beantwoorden aan klasse B roof (tl). Het is echter moeilijk om de brandwerendheid van groendaken te testen. Het hangt af van het substraat (samenstelling, dikte), het type beplanting en het seizoen (in de zomer is de vegetatie bijvoorbeeld veel droger). Op dit moment is nog geen enkel daksysteem volgens deze norm gecontroleerd. De Hoge Raad voor beveiliging tegen Brand en Ontploffing heeft echter aanbevelingen geformuleerd om de doordringing van brand via het groendak te voorkomen en de verspreiding over de oppervlakte af te remmen.

Voorkomen van doordringing van de brand via het groendak door vastlegging van de eisen inzake de substraatlaag:

  • Toezien dat de minimum dikte wordt gerespecteerd ;
  • Ervoor zorgen dat het substraat de maximumwaarde aan organisch materiaal niet overschrijdt.

Voorkomen van verspreiding van de brand over het dakoppervlak door compartimentering van het groendak en beperking van de hoogte van de vegetatie aan de randen van de compartimenten.

  • Maximale lengte: 40 m.
  • Scheiding door een pad van onbrandbaar materiaal (cementtegel of grindlaag van minstens 30 dik, minstens 80 cm breed) of via een brandbestendige verticale afscheiding van minstens 40 cm hoog.
  • Voorzie ook een brandvrij pad rechts van de ramen die uitzien op het groendak. Idem rond lantaarns, rookuitlaten, enz. ;
  • Vegetatie: hoogte beperkt voor de afstand tussen de vegetatie en de as van het brandvrije pad. Er is geen hoogtegrens indien de afstand tot de as van het brandvrije pad.

Voorbeeld

Concreet voorbeeld ter illustratie van de aanbevelingen voor een groendak van meer dan 40 m lang (principeschema).

WTCB-Contact 2011/4 (2011) © WTCB

Normen

  • Normen inzake daken. Veiligheid.
  • Norm inzake af te voeren waterdebiet NBN EN 12056-3.
  • Brandpreventienormen: Classificatie van de materialen in functie van hun brandbestendigheid: NBN EN 13501-1, NBN EN 13501-5.
  • Technische voorschriften inzake afdichtingen: NBN EN 13707 (bitumineuze membranen), NBN EN 13956 (synthetische membranen) en ETAG 005 (vloeibare afdichtingssystemen)
  • NBN EN 12730: Flexibele banen voor waterafdichtingen - Bitumineuze, plastische afdichtingsmembranen en elastomeren voor daken – Bepaling van de doorscheurweerstand.
  • Weerstand tegen windbelasting: NBN B 03-002-1
  • Normen inzake geluidscomfort. De vereisten inzake geluidsisolatie zijn onderwerp van de Belgische norm NBN S 01-400-1:2008 voor woongebouwen en NBN S 01-400:1977 voor andere gebouwen.
  • NBN B 03-004: Borstwering van gebouwen.
  • NBN EN 752: Buitenriolering.
Bijgewerkt op 23/11/2016