Intro | Het energieverbruik van gebouwen beperken

Meer weten

In de Gids

Het energieverbruik hangt rechtstreeks samen met het comfort. Daarom kunt u parallel met deze thematiek de volgende dossiers raadplegen:

Andere publicaties van Leefmilieu Brussel

Websites

Links naar het Referentieel-B

Het Referentieel-B is ingedeeld op basis van de volgende maatregelen:

Thermische kwaliteit van de gebouwschil (R_ENE 01-01)

Deze maatregel heeft als doel de warmte- en luchtoverdracht via de gebouwschilte minimaliseren dankzij een zeer goede isolatie, controle van de uitvoering van de werken, aandacht voor de details en een performante luchtdichtheid.

De te ondernemen acties in verband met deze maatregel worden gedetailleerd behandeld in de dossiers Transmissieverliezen beperken en Infiltratieverliezen beperken .

Dossier Het thermisch comfort verzekeren gaat in op het thermisch comfort in het algemeen.

Intensieve natuurlijke ventilatie (R_ENE 01-02)

Beperking van het energieverbruik voor koeling van de vertrekken dankzij het gebruik van de mogelijkheden voor intensieve natuurlijke ventilatie.

De dossiers Een hoge thermische inertie verzekeren, Warmtelasten beperken en Een passieve koelstrategie toepassen gaan in op de voorzieningen om aan deze maatregel te beantwoorden.

Dossier Het thermisch comfort verzekeren legt het accent op de thermische comfortaspecten in verband met deze maatregel.

Integratie van het (toekomstige) gebruik van zonne-energie (R_ENE 02-01)

Deze maatregel is bedoeld om het ontwerp te valoriseren van een gebouw dat de mogelijkheid biedt om – eventueel op een later moment – thermische en fotovoltaïsche zonnepanelen aan te brengen. De beschikbaarheid van geschikte oppervlakken hiervoor (voldoende groot, met de juiste hellingshoek en de juiste ligging) op met name het dak wordt aangemoedigd, evenals de integratie van de panelen ten opzichte van de rest van het gebouw.

In de dossiers De optimale productie- en opslagwijze voor verwarming en sanitair warm water kiezen en Verwarming, koeling en sanitair warm water: efficiënte installaties garanderen, wordt ingegaan op het gebruik van de zon als hernieuwbare energiebron.

Technische systemen (R_ENE 03)

Na de minimalisering van de energiebehoefte dankzij ontwerp- en bouwmaatregelen en het gebruik van hernieuwbare energie is het tijd om aan efficiënte technische installaties te denken om de resterende energievraag te dekken. Aangezien deze vraag meestal zeer beperkt is, kunnen deze installaties eenvoudig van aard zijn ("low technic"). Dit zal de kosten meestal verlagen.

Het eerste doel van deze rubriek is de energiekwaliteit van de systemen te optimaliseren – verwarming, koeling, ventilatie, sanitair warm water – en het verlies te beperken door hoog rendement dankzij een goed doordacht ontwerp, precieze dimensionering en de juiste uitvoering.

Het tweede doel van deze rubriek is de beperking van het elektriciteitsverbruik – voor verlichting, liften, randapparatuur – dankzij goed gekozen, goed presterende toestellen die volgens een "REG"-aanpak worden gebruikt.

De eigenschappen van de diverse technische systemen worden met elkaar vergeleken in de dossiers Een energie-efficiënt ventilatiesysteem ontwerpen, De optimale productie- en opslagwijze voor verwarming en sanitair warm water kiezen en De beste productiewijzen voor hernieuwbare koeling kiezen.

Het dossier Verwarming, koeling en sanitair warm water: efficiënte installaties garanderen staat stil bij de aspecten distributie, uitstoot en regeling van de technische verwarmings- en koelinstallaties.

Tot slot worden in de dossiers Optimaal gebruik van kunstmatige verlichting, Een energie-efficiënt ventilatiesysteem ontwerpen en Warmtelasten beperken, de voorzieningen overlopen waarmee het elektriciteitsverbruik in woningen kan worden beperkt.

Daarnaast komen de dossiers Het thermisch comfort verzekeren en Vermijden van poluenten in het gebouw, terug op de noties van comfort in verband met de technische installaties.

Globale energieprestatie (R_ENE 04)

Inzake de globale energieprestaties wordt uitmuntendheid aangemoedigd en dient te worden gestreefd naar een gebouw "dat bijna niets verbruikt". Bij deze evaluatie wordt dus aandacht besteed aan de minimalisering van het eindverbruik van primaire energie en de uitstoot van CO2. In België wordt deze prestatie geëvalueerd met de PBE-methode en eventueel met tools en methodes.

Alle dossiers onder het thema Energie hebben een impact op deze maatregel.

bijgewerkt op 01/01/2013